Rohingya : "Ik zou graag alleen wandelen, zonder hulp"

Abu Sadeq is een van de 600.000 Rohingya die Myanmar ontvlucht is sinds 25 augustus. Hij vertelt ons zijn levensverhaal in het kamp van Uchinprang te Bangladesh nu hij sinds kort invalide is.

"Ik heet Abu Sadeq en ben 17 jaar. Ik ben hulpbehoevend door een letsel aan mijn ruggengraat nadat ik verschillende slagen geïncasseerd heb toen mijn dorp in Myanmar werd aangevallen. Ik ben geraakt aan mijn wervelkolom ter hoogte van de nek- en lendewervel, wat ervoor zorgt dat ik nauwelijks nog kracht heb in mijn bovenste en onderste ledematen. Ik kan dan ook niet goed meer stappen. Ik heb de kracht in mijn spieren verloren alsook mijn evenwichtsgevoel en mijn coördinatievermogen, wat mij ernstige problemen oplevert in het dagelijkse leven.
 
Mijn vader was landbouwer in Powanchong, in de regio Mowandow te Myanmar. Mijn dorp werd aangevallen op 26 augustus. Wij zijn meteen gevlucht en hebben in het bos geschuild. Na zes dagen stappen zijn we bij de grens van Bangladesh aangekomen. De dag erna hebben we de rivier Naf overgestoken met een boot.

Hoe we leven in het kamp

Samen met tien familieleden (mijn ouders, vier broers en drie zussen) heb ik een tijdelijk onderkomen in het kamp Unchipalong in Bangladesh. Wij overleven dankzij de hulp van ngo’s en van de Bengalese regering. We krijgen kledij, voedsel en hygiënische middelen toebedeeld van verschillende humanitaire organisaties.
 
De hygiëne laat helaas de wensen over in het kamp door het gebrek aan proper water en door de overbevolking hier. Maar ondanks al deze moeilijkheden hebben we goede banden opgebouwd met andere vluchtelingen. Iedereen zorgt dan ook voor iedereen.

Hoe ik terug mobiel kan zijn

Begin oktober heeft Artsen zonder Grenzen de organisatie Handicap International ingelicht over mijn beperking waarvoor revalidatie nodig is. De kinesist van HI heeft een revalidatieprogramma uitgewerkt en krukken voorzien zodat ik ondersteund kan worden tijdens het stappen. Dankzij kinesitherapie en nieuwe krukken kan ik oefeningen doen om opnieuw goed te kunnen stappen.
 
De behandeling is nochtans maar net van start gegaan, maar ik heb het gevoel dat de coördinatie van mijn ledematen en mijn evenwicht al verbeterd zijn. Daardoor kan ik dan ook gemakkelijker stappen. De grootste moeilijkheden zijn nu mijn mobiliteit en het uitvoeren van de dagelijkse activiteiten. Doordat mijn huis zich op een heuvel bevindt, is het dus nog moeilijk om buiten huis te gaan, om mij te verplaatsen.
 
Ik zou graag meer tijd doorbrengen met andere leeftijdsgenoten. Ik zou graag alleen wandelen, zonder hulp, en mijn familie helpen door geld te verdienen.”