Aïda zet er de pas in. Bij elke stap die haar sandalen maken, dwarrelen er kleine stofwolkjes omhoog. Ze probeert zichzelf wijs te maken dat alles oké is en dat het ergste achter de rug is. Kruidenier Karim heeft de touwtjes in handen en er is hulp onderweg om dat ding te onderzoeken. Maar haar lichaam weigert mee te werken. Haar schouders blijven gespannen, haar vingers prutsen zenuwachtig aan de rand van haar mouw. Haar keel voelt kurkdroog aan, alsof ze een hap zand heeft binnengekregen.
Het beeld van dat verdomde stuk metaal onder het stof blijft maar voor haar ogen flitsen. Haar maag keert ervan om. Ze had het zo gemakkelijk over het hoofd kunnen zien. Er gewoon voorbij wandelen, of erger nog... erop trappen. Alleen al bij de gedachte begint ze ongecontroleerd te rillen.
Ze haalt diep adem en schudt haar hoofd. Het is voorbij, toch? Ze is op afstand gebleven, ze heeft een volwassene gewaarschuwd, ze heeft juist gereageerd. Dat is wat ze altijd zeggen in die preventieverhalen: “Waarschuw iemand, neem geen risico’s, doe wat je moet doen.” Ze heeft braaf de regeltjes gevolgd. Waarom voelt ze zich dan nog altijd zo slecht?
Zonder erbij na te denken begint ze trager te lopen, ook al heeft ze eigenlijk geen tijd te verliezen. Haar ogen scannen de grond, op zoek naar… tja, iets. Het maakt niet uit wat. Pas als je echt begint te kijken, zie je hoeveel rommel er eigenlijk ligt. Ze ziet ander afval, voorwerpen die er op het eerste gezicht onschuldig uitzien.
Het is bijna angstaanjagend: plots vertrouwt ze niks meer.
Ze schudt haar hoofd, gefrustreerd door haar eigen gepieker. Ze begint achter elke steen een gevaar te zoeken. Gelukkig is ze er bijna; de weg leek deze keer korter dan normaal. En dan, net als ze de hoek omgaat, ziet ze iets vreemds. Geen gevaar, maar een soort speling van het lot; een teken dat haar herinnert aan wat ze net heeft meegemaakt. Op een vuile muur, vlak naast een afgebladderde blauwe deur, hangt een grote affiche:
"INFOSESSIE LANDMIJNEN EN EXPLOSIEVEN – Informeer en bescherm jezelf!"
Op de poster staan foto’s: een kind voor een bord dat sprekend lijkt op het bord van daarnet. Een verlaten terrein dat is afgezet met rode vlaggetjes. Volwassenen in beige uniformen die aan een groepje kinderen iets uitleggen aan een tafel. De beelden zijn simpel, maar ze komen binnen als een mokerslag.
Haar hart begint weer sneller te slaan. Ze kan zich perfect inleven in de mensen op die foto’s, omdat zij bijna één van hen was geweest. Dat bord dat ze negeerde, dat doodgewone voorwerp in het stof en haar instinct dat haar op het nippertje heeft gered van een ramp… Anderen hebben dat geluk niet gehad.
Aïda bijt op haar lip en twijfelt. Tot gisteren zou ze gewoon haar schouders hebben opgehaald. Ze zou gedacht hebben dat ze voorzichtig genoeg is, dat ze wel oplet. Dat ze groot en verantwoordelijk is, en dat ze haar buurt uit haar broekzak kent. Dat haar niets kan overkomen. Maar vandaag niet. Vandaag is ze nergens meer zeker van.
Ze moet een beslissing nemen en die is plots glashelder:
Wat doet ze?
Contactgegevens
Handicap International vzw
Gewijde-Boomstraat 44, bus 1, 1050 Brussel
[email protected]
Ondernemingsnummer: BE0432235661
IBAN: BE80 0000 0000 7777
BIC: GEBABEBB
Handicap International vzw
Gewijde-Boomstraat 44, bus 1, 1050 Brussel
[email protected]
Ondernemingsnummer: BE0432235661
IBAN: BE80 0000 0000 7777
BIC: GEBABEBB