Go to main content

Belgische wereldprimeur: drones detecteren ondergrondse mijnen

Mijnen en andere wapens
Tsjaad

Handicap International heeft, samen met Mobility Robotics, voor het eerst ondergrondse mijnen gedetecteerd met behulp van drones.

Een man van in de dertig leidt een drone over een woestijnoppervlak in Tsjaad...

John Fardoulis van Mobility Robotics: "Het opsporen van mijnen met drones is voor ons als een eerste stap op de maan". | X. Depreytere - H.I.

Sinds begin februari dit jaar werd er in Tsjaad onderzoek gedaan naar het gebruik van drones om onze ontmijningsoperaties te ondersteunen. Het project wordt ondersteund door de Belgische Ontwikkelingssamenwerking. De technologie zal de duur van de ontmijningsoperaties aanzienlijk verkorten en het werk van de ontmijners veiliger maken. Het is een belangrijke stap voorwaarts en niet minder dan een revolutie voor de humanitaire ontmijningssector. 

Een eerste stap op de maan

"Dit is een kleine revolutie voor de humanitaire ontmijningssector!", vertelt Xavier Depreytere, drone project manager voor Handicap International. "Sinds enkele maanden testen we het gebruik van drones om sneller mijnen in verontreinigde gebieden op te sporen. Vandaag gaan we een stap verder door mijnen die in de grond begraven liggen te detecteren."
John Fardoulis van Mobility Robotics voegt hieraan toe: "Voor ons is het als een eerste stap op de maan. We gaan nu het volledige potentieel van deze vooruitgang verder testen en ontwikkelen."

Nauwkeuriger en veiliger werken

Tijdens de tests, die werden uitgevoerd in woestijngebied in het noorden van Tsjaad, kon de drone, uitgerust met een infraroodcamera om temperatuurverschillen te meten, de aanwezigheid van antipersoons- en antitankmijnen detecteren. Door in zeer korte tijd over grote gebieden te vliegen, zal deze vooruitgang een belangrijke tijdwinst opleveren bij wat experten het “niet-technisch onderzoek” noemen: De niet-technische fase bestaat uit het identificeren en afbakenen van mogelijk verontreinigde zones waarbij de tussenkomst van een ontmijningsteam nodig is.

"Door mijnen, die zich onder het oppervlak bevinden, nauwkeuriger te identificeren, kunnen onze ontruimingsteams nu gerichter en veiliger te werk gaan," vertelt Xavier Depreytere. "De volgende stap: extra middelen zoeken om onze activiteiten te versterken en de testen te diversifiëren."

Een innovatief Belgisch project

Het is in het kader van het Odyssey2025-project, gefinancierd door de Directie-Generaal Ontwikkelingssamenwerking en Humanitaire Hulp (DGD), dat Handicap International sinds september 2018 experimenteert met het gebruik van drones om de aanwezigheid van mijnen te detecteren in het noorden van Tsjaad. In het land is meer dan 100 miljoen vierkante meter vervuild door mijnen en explosieve oorlogsresten.

100 miljoen mijnen wereldwijd

Vandaag de dag vormen meer dan 100 miljoen landmijnen nog steeds een gevaar voor burgers in meer dan 60 landen en remmen ze de ontwikkeling van die verontreinigde landen af. Handicap International en zijn partners rekenen erop dat ze op 4 jaar tijd 3 miljoen m² - ongeveer 18 maal de oppervlakte van België - zullen ontmijnen in Tsjaad.

Gepubliceerd op: 8 november 2019

Meer over dit onderwerp

Eén mijnslachtoffer per uur
© Jaweed Tanveer / HI
Mijnen en andere wapens

Eén mijnslachtoffer per uur

De Landmine Monitor registreerde in 2018 6.897 slachtoffers van mijnen, bijna één nieuw slachtoffer per uur !

Komt er ooit een eind aan de bombardementen op bewoonde gebieden?
© Handicap International
Mijnen en andere wapens

Komt er ooit een eind aan de bombardementen op bewoonde gebieden?

Handicap International trekt al vijf jaar aan de alarmbel over het gebruik van explosieve wapens in dichtbevolkte gebieden. Alma Al-Osta, verantwoordelijk voor onze advocacy-acties rond ontwapening, legt uit waarom we het onszelf verplicht zijn om deze strijd te voeren.

"Deze oorlog die al vier jaar duurt, heeft de mensen uitgeput." Mijnen en andere wapens Revalidatie

"Deze oorlog die al vier jaar duurt, heeft de mensen uitgeput."

Suad Al-Qadri werkt als psychosociale hulpverlener voor HI in Sana’a, de hoofdstad van Jemen. Ze vertelt over de mentale toestand van de patiënten die door HI geholpen worden en de gevolgen van bombardementen op de psychologische gezondheid van de bevolking.