Meteen naar de inhoud

Handicap International stelt voor: Armed Violence and Disability: the Untold Story

Brussel 19 februari 2013 – Vandaag stelt Handicap International het rapport Armed Violence and Disability: the Untold Story voor. 713 slachtoffers van gewapend geweld werden geïnterviewd in Colombia, Haïti, Pakistan en Uganda. Het is een eerste onderzoek naar het verband tussen gewapend geweld en handicaps. De cijfers zijn confronterend: 8 op de 10 geïnterviewde slachtoffers van gewapend geweld houdt een blijvende handicap over aan hun ongeval.
Gewapend geweld en handicaps

Brussel 19 februari 2013 – Vandaag stelt Handicap International het rapport Armed Violence and Disability: the Untold Story voor. 713 slachtoffers van gewapend geweld[1] werden geïnterviewd in Colombia, Haïti, Pakistan en Uganda. Het is een eerste onderzoek naar het verband tussen gewapend geweld en handicaps. De cijfers zijn confronterend: 8 op de 10 geïnterviewde slachtoffers van gewapend geweld houdt een blijvende handicap over aan hun ongeval.

Jaarlijks sterven wereldwijd 526.000 mensen[2]ten gevolge van gewapend geweld, dat is ongeveer een persoon per minuut. Maar hoeveel mensen houden er een levenslange handicap aan over en wat zijn de gevolgen voor de slachtoffers en hun familie? Hierover werd nooit eerder onderzoek gedaan.

Het pilootonderzoek van Handicap International toont aan dat 8 op de 10 geïnterviewde slachtoffers van gewapend geweld een blijvende handicap, zoals amputaties van de bovenste of onderste ledematen en ruggenmergletsels, overhoudt aan hun ongeval. Daarnaast ervaren de slachtoffers ook zware economische, sociale en psychologische gevolgen. Slachtoffers van gewapend geweld vinden door hun handicap moeilijk een job, hun kansen op onderwijs zijn kleiner en ze worden vaak gestigmatiseerd en gediscrimineerd. Al die factoren samen zorgen ervoor dat deze mensen nog meer in de armoede verzeilen.

Rashmi Thapa, auteur van het rapport: Gewapend geweld heeft een zware en langdurige impact op het leven van de slachtoffers. 8 op de 10 geïnterviewde slachtoffers heeft een blijvende handicap. Ze worden dagelijks geconfronteerd met de harde realiteit. Hun economische en sociale positie verslechtert, ze krijgen weinig of geen psychologische ondersteuning en er is vaak geen gezondheidszorg en revalidatie op lange termijn. Er moet meer aandacht zijn voor deze problemen. Bovendien is er een ernstig gebrek aan informatie. Er is nood aan meer onderzoek en beleid.

De meerderheid van de slachtoffers kreeg dringende medische zorg toegediend na het ongeval, maar gezondheidszorg en revalidatie op lange termijn is vaak onbestaande. Ook steun van de overheid aan de slachtoffers blijft beperkt.

Er zijn zeer weinig cijfers bekend over de grootte, het karakter en de impact van gewapend geweld op de slachtoffers. Data worden niet systematisch verzameld en bijgehouden. Handicap International vraagt meer aandacht voor deze problematiek en dringt aan op verder onderzoek. Dit is uiterst belangrijk om vorm te geven aan een degelijk slachtofferbeleid.

Handicap International voerde onderzoek tussen mei 2011 en april 2012 in Medellín (Colombia), Karamoja (Uganda), Peshawar (Pakistan) en Port-au-Prince (Haïti). 713 slachtoffers van gewapend geweld werden geïnterviewd. Daarnaast vonden 128 interviews met lokale autoriteiten en familieleden van de slachtoffers plaats en werden 12 levensverhalen opgetekend.

Acties op het terrein

Handicap International is actief in 39 landen om slachtoffers van gewapend geweld te helpen. De projecten willen de risico’s die gepaard gaan met de verspreiding en het slechte gebruik van lichte wapens inperken. Sylvie Bouko, specialist gewapend geweld Handicap International: Het is onze rol  ongevallen te vermijden. Hiervoor zetten we mediacampagnes op, organiseren we preventiesessies, vormen we leerkrachten, maar ook lokale autoriteiten.

 

 



[1]Gewapend geweld wordt gedefinieerd als het intentionele gebruik van wapens – dreigend of daadwerkelijk- om te doden, te verwonden, en blijvende beperkingen of psychologische schade te veroorzaken, dat de veiligheid en de ontwikkeling van gemeenschappen ondermijnt.

[2]Global Burden of Armed Violence, Geneva Declaration Secretariat, Geneva (2011)

 

 

Meer over dit onderwerp

Verboden clusterbommen blijven (burger)slachtoffers maken
© D. Kremer / HI
Mijnen en andere wapens Noodhulp

Verboden clusterbommen blijven (burger)slachtoffers maken

Uit het laatste verslag van de Cluster Munition Monitor, dat deze week gepubliceerd werd, blijkt dat Syrië voor het achtste jaar op rij verantwoordelijk is voor de meeste slachtoffers. In 2019 nam het land in oorlog 80% van de slachtoffers voor zijn rekening. Maar de Cluster Munition Monitor getuigt ook over het gebruik van clustermunitie in het conflict tussen Armenië en Azerbeidzjan.

Het 2020-rapport van de Landmine Monitor: "Covid-19 heeft de acties tegen mijnen ontregeld"
© Tannourine / HI
Mijnen en andere wapens

Het 2020-rapport van de Landmine Monitor: "Covid-19 heeft de acties tegen mijnen ontregeld"

Voor het vijfde jaar op rij maakt de Landmine Monitor gewag van een uitzonderlijk hoog aantal slachtoffers van landmijnen, voor het merendeel burgers. De uitbraak van de COVID-19-pandemie begin 2020 heeft ook een nieuwe reeks onvoorziene uitdagingen met zich meegebracht

Wanneer de bom valt
© Martin Crep/HI
Mijnen en andere wapens

Wanneer de bom valt

Bij gewapende conflicten wordt de rekening vaak gepresenteerd aan de ongewapende burgers. Vandaag maken burgers 90% uit van de slachtoffers bij bombardementen in bevolkte gebieden. Wat zijn de gevolgen en wie maakt hier een eind aan?