Meteen naar de inhoud

Voedselcrisis in Sahel: "drama's vermijden"

Alle nationale en internationale hulporganisaties zullen moeten samenwerken om de voedselcrisis in het hele Sahelgebied het hoofd te bieden. Om de voedselschaarste en de stijging van de voedselprijzen in te perken, moet er dringend ingegrepen worden. Anders dreigen de ondervoeding en de kindersterfte voorpaginanieuws te worden. Daarom is Handicap International nu actief in Mali, waar ze voedingsmiddelen uitdeelt, en in de Nigerese hoofdstad Niamey, waar ze de zwakste bevolkingsgroepen financiële steun biedt.
Christopher Fraser

Gesprek met Christopher Fraser - Projectverantwoordelijke voedselzekerheid in Niger tot midden juli.

Alle nationale en internationale hulporganisaties zullen moeten samenwerken om de voedselcrisis in het hele Sahelgebied het hoofd te bieden. Om de voedselschaarste en de stijging van de voedselprijzen in te perken, moet er dringend ingegrepen worden. Anders dreigen de ondervoeding en de kindersterfte voorpaginanieuws te worden. Daarom is Handicap International nu actief in Mali, waar ze voedingsmiddelen uitdeelt, en in de Nigerese hoofdstad Niamey, waar ze de zwakste bevolkingsgroepen financiële steun biedt.

“Het is niet de eerste keer dat deze regio door ongunstige weersomstandigheden getroffen wordt. De bevolking in de Sahel kent deze situatie goed en houdt zich ondanks alles erg sterk. We moeten er nu vooral voor zorgen dat ze die kracht blijven behouden, zodat een dramatische situatie vermeden kan worden en er niemand omkomt van de honger. Het is echter niet de bedoeling dat we geïmporteerde voedselpakketten gaan uitdelen. Dat zou de plaatselijke voedselproductie ondermijnen en moet dus een laatste redmiddel zijn.

Handicap International heeft al sinds 2006 ontwikkelingsprojecten lopen in de stad Niamey. Daarom gaan we ons nu concentreren op de meest kwetsbare bevolking in de hoofdstad. We zetten een project op poten dat ervoor moet zorgen dat de meest kwetsbare gezinnen financieel kunnen rondkomen, zodat ze de periode tussen twee oogsten kunnen overbruggen. De voedselprijzen liggen tijdens die periode immers erg hoog.

Zo’n project heeft verschillende voordelen. Eerst en vooral kunnen we de zwaksten rechtstreeks bereiken en zijn we zeker dat ze hun eigen voedsel kunnen kopen. Het project verhoogt de koopkracht van de mensen, wat op zijn beurt dan weer de economische activiteit vanaf de basis aanzwengelt. Het zijn de armste mensen die financiële steun krijgen.

Met dit project helpen we om en bij de 2.800 van de 200.000 inwoners. Vooral mensen met een handicap, jonge moeders die zich anders moeten prostitueren om voor hun kinderen te kunnen zorgen, of eender welke persoon die volgens onze criteria, opgesteld volgens de normen van de plaatselijke gemeenschap, als kwetsbaar wordt aanzien.

We konden geen beter moment uitkiezen dan de Ramadan om onze hulp aan te bieden. De Ramadan is immers synoniem van solidariteit. We hebben er dan ook vertrouwen in dat men op de best mogelijke manier met onze steun zal omgaan en dat de mensen die onze hulp het hardst nodig hebben, die ook zullen krijgen.

Nu ik de fakkel doorgeef aan een buitenlandse collega die het project op poten moet zetten, kan ik even terugblikken. Ik sta nog steeds versteld van de Nigerezen die koste wat het kost hun land willen beschermen, ondanks de vele bedreigingen zoals wapenhandel, gewapende bendes of fundamentalisten. Ze dragen vrede en veiligheid hoog in het vaandel, en dat merk je, zowel in de dagelijkse omgang met de bevolking, als in de constructieve houding van het plaatselijke en nationale bestuur. Dat motiveert ons natuurlijk nog meer. En gezien de moeilijkheden die we ondervinden om de nodige financiële middelen in te zamelen in deze tijden van wereldwijde economische crisis, kunnen we die extra motivatie goed gebruiken. We moeten de bevolking de juiste steun bieden die ze nodig hebben en die de overheden toelaat een duurzame oplossing voor het probleem te vinden.”
 

Meer over dit onderwerp

Verboden clusterbommen blijven (burger)slachtoffers maken
© D. Kremer / HI
Mijnen en andere wapens Noodhulp

Verboden clusterbommen blijven (burger)slachtoffers maken

Uit het laatste verslag van de Cluster Munition Monitor, dat deze week gepubliceerd werd, blijkt dat Syrië voor het achtste jaar op rij verantwoordelijk is voor de meeste slachtoffers. In 2019 nam het land in oorlog 80% van de slachtoffers voor zijn rekening. Maar de Cluster Munition Monitor getuigt ook over het gebruik van clustermunitie in het conflict tussen Armenië en Azerbeidzjan.

Het 2020-rapport van de Landmine Monitor: "Covid-19 heeft de acties tegen mijnen ontregeld"
© Tannourine / HI
Mijnen en andere wapens

Het 2020-rapport van de Landmine Monitor: "Covid-19 heeft de acties tegen mijnen ontregeld"

Voor het vijfde jaar op rij maakt de Landmine Monitor gewag van een uitzonderlijk hoog aantal slachtoffers van landmijnen, voor het merendeel burgers. De uitbraak van de COVID-19-pandemie begin 2020 heeft ook een nieuwe reeks onvoorziene uitdagingen met zich meegebracht

Wanneer de bom valt
© Martin Crep/HI
Mijnen en andere wapens

Wanneer de bom valt

Bij gewapende conflicten wordt de rekening vaak gepresenteerd aan de ongewapende burgers. Vandaag maken burgers 90% uit van de slachtoffers bij bombardementen in bevolkte gebieden. Wat zijn de gevolgen en wie maakt hier een eind aan?