Meteen naar de inhoud

Orlando de Jesus Guarin - een gebroken familie

Mijnen en andere wapens
Colombia
Orlando is handelaar en heeft een goed draaiende groentewinkel waarmee hij zijn gezin kan onderhouden. Hij is de gelukkige vader van vier dochters en een zoon, de 21-jarige Carlos Andres. Die werkt samen met zijn vader en woont nog bij zijn ouders. Hij is de lieveling van de familie en hij zal de zaak overnemen als Don Orlando niet meer kan werken. In augustus 2005 gaat Carlos op vriendenbezoek, zich niet van enig gevaar bewust.
slachtoffer geweld Colombia

Orlando is handelaar en heeft een goed draaiende groentewinkel waarmee hij zijn gezin kan onderhouden. Hij is de gelukkige vader van vier dochters en een zoon, de 21-jarige Carlos Andres. Die werkt samen met zijn vader en woont nog bij zijn ouders. Hij is de lieveling van de familie en hij zal de zaak overnemen als Don Orlando niet meer kan werken. In augustus 2005 gaat Carlos op vriendenbezoek, zich niet van enig gevaar bewust. Er zijn al een hele tijd gevechten aan de gang tussen paramilitaire groeperingen en het FARC. Plots valt de guerrilla binnen in het huis waar Carlos met zijn vrienden zit en richt er een waar bloedbad aan. In totaal komen vijftien mensen om. “Ze hadden alle lichamen samengelegd, maar ik vond mijn zoon niet terug, noch bij de doden, noch bij de levenden“, vertelt Orlando met diepbedroefde blik.

Dus gaat hij vanaf zonsopgang op zoek naar zijn zoon. Maar rond 11.30 uur stapt hij op een landmijn. De man verliest geen enkel moment het bewustzijn en herinnert zich het enorme lawaai dat de ontploffing veroorzaakte. Hij wordt opgetild en zo’n zes meter ver weggeslingerd. “Er was vreselijk veel rook en ik voelde een hevige pijn in de borst.” Hij probeert zijn been aan te raken, “maar voelde alleen maar bloed “.

Hij wordt naar het ziekenhuis van Taraza gebracht. Daar vertellen de artsen hem dat ze zijn linkerbeen moeten amputeren om zijn leven te redden. Hij wordt overgebracht naar het ziekenhuis van Medellin dat over de nodige apparatuur beschikt. Zes dagen later verneemt hij van een vriend dat zijn zoon eveneens is omgekomen tijdens de guerrilla-aanval. “Ik heb zelfs zijn begrafenis niet kunnen bijwonen”, zucht hij. “Ik ben een stuk van mijn leven kwijt.”

Hij moet 25 dagen in het ziekenhuis blijven. Na zijn ontslag beslist hij om in Medellin te blijven, want hij kan hoe dan ook niet meer werken. En alsof dat nog niet erg genoeg is, betekenen het verlies van zijn zoon en het ongeval ook het einde van zijn relatie. Zijn vrouw gaat bij hem weg en laat hem alleen achter met hun dochters. De oudste, Liliana, is 25 jaar. Sinds het ongeval moet ze met haar karige secretaresseloon haar vader en haar zussen onderhouden. Ze ziet er compleet uitgeput uit en je zou ze makkelijk tien jaar ouder schatten. Ze vertelt dat haar zussen nadat ze waren afgestudeerd moesten bijdragen aan het gezinsinkomen en werk hebben gevonden, hetgeen de last op haar schouders zal verlichten.

Handicap International helpt Orlando door afspraken te maken voor orthopedische controles en door zijn geneesmiddelen te betalen. De organisatie laat hem ook kinesessies volgen en geeft hem loopadviezen, want Orlando kan niet correct lopen met zijn prothese. Hij heeft ook fantoompijn in zijn geamputeerd been. Dankzij Handicap International kan hij starten met gespecialiseerde therapie voor dit soort trauma’s. “In afwachting daarvan moet ik enorm veel geneesmiddelen nemen om de pijn te verzachten, maar die werken niet altijd”, vertelt hij, en hij laat de vele doosjes zien die in een zak zitten. Na zijn lichamelijke revalidatie kan Handicap International hem helpen bij zijn professionele re-integratie.

Meer over dit onderwerp

Jemen: een hele generatie ernstig gewond voor het leven Mijnen en andere wapens Noodhulp Revalidatie

Jemen: een hele generatie ernstig gewond voor het leven

Sinds het begin van het conflict in Jemen heeft Handicap International meer dan 3.000 slachtoffers van explosieve wapens behandeld, waaronder 850 slachtoffers van mijnen en explosieve oorlogsresten. Bijna allemaal hebben ze een blijvende handicap overgehouden als gevolg van hun verwondingen en zullen ze specifieke nazorg voor de rest van hun leven nodig hebben. De organisatie maakt zich zorgen over de vele belemmeringen voor humanitaire interventies en de toegang tot de bevolking. Thomas Hugonnier, projectverantwoordelijke voor de organisatie in het Midden-Oosten, getuigt over de situatie in het land.

Laos: twee overlevenden van clustermuntie getuigen
© N. Lozano Juez / HI
Mijnen en andere wapens

Laos: twee overlevenden van clustermuntie getuigen

Ze wonen in hetzelfde dorp. Ze werden ook allebei het slachtoffer van clustermunitie. Eerst Kua Tcho Tor … dertig jaar later ook Chue Por Vang.

Laos: Onze ontmijningsteams geven niet op!
© N. Lozano Juez / HI
Mijnen en andere wapens

Laos: Onze ontmijningsteams geven niet op!

Explosieve oorlogsresten blijven een dreiging vormen voor de bevolking in Laos. Handicap International zet zich in om die dreiging weg te nemen en om de humanitaire en socio-economische risico’s te verminderen.