Mostafa loopt terug rechtop

  • Mostafa en een kinesitherapeut van Handicap International doen rechtopstaand oefeningen in een tent.
  • Mostafa leunt tegen een tentzeil en doet spierversterkende oefeningen met een rekband.

Het huis van Mostafa, een Syrische jongen van acht, werd in november 2014 gebombardeerd. Hij liep daarbij ernstige verwondingen op aan beide benen. Nu leeft hij samen met zijn zus en broers in een huisje gemaakt van golfplaten. Dankzij de hulp van zijn zus en van Handicap International kan hij weer rechtop lopen.

“Op een avond werd onze wijk gebombardeerd en viel er een bom op ons huis. Onze ouders stierven. Mijn broertje Mostafa was buiten aan het spelen. Mijn twee oudste broers en ik waren niet thuis”, vertelt grote zus Rawan. “De buren zijn ons komen verwittigen. Toen we kwamen aanlopen, troffen we Mostafa zwaar gewond aan. Het was al laat, waardoor het onmogelijk was om hem nog naar het ziekenhuis te brengen. Niemand kon helpen om het bloed te stelpen of om te pijn te verlichten. De buren hebben ons de volgende ochtend geholpen om hem naar het hospitaal te brengen.”

Rawan draagt nu zorg voor haar drie broers van 12, 10 en 8. Op de vlucht voor de gevechten in Syrië vestigden ze zich eind 2014 in een vluchtelingenkamp in Libanon.

Revalidatie in goede banen

Sinds enkele maanden wordt Mostafa door onze teams opgevolgd. Zij helpen hem zijn beweeglijkheid terugwinnen. Na enkele sessies met Mohammad Al Kurdi, kinesitherapeut voor Handicap International, heeft hij al vooruitgang geboekt.

“Mostafa werkt heel goed mee. Hij doet elke dag netjes de oefeningen die ik hem aanleerde. De beweeglijkheid van zijn linkerbeen heeft hij al bijna teruggewonnen. Ik ben echt tevreden, hij bereddert zich zeer goed”, vertelt de kinesitherapeut.

Op basis van scanbeelden zal het team van Handicap International de verdere hulp aanpassen. De beelden maken duidelijk hoe het met de beenbreuk is gesteld en bepalen op welke wijze Mostafa moet worden behandeld. “Intussen doen we spierversterkende oefeningen en werken we aan het evenwicht om zo het dagelijkse leven van Mostafa te verbeteren, zonder echter risico’s te nemen”, licht Mohammad toe.

Dromen van school

De gevluchte familie krijgt verder maandelijkse financiële steun van Handicap International. Daarmee kunnen ze de huur betalen, eten kopen of in andere basisnoden voldoen. Toch blijft de situatie steeds onzeker. “Ik heb momenteel een schuld bij de bakker en kruidenier. Ik moet 50 dollar per maand betalen voor ons huisje. Het geld dat we ontvangen helpt ons gelukkig, maar het is niet voldoende”, zegt Rawan met onrust in haar stem.

De oudste broer werkt op het veld en helpt zo zijn zus de touwtjes aan elkaar te knopen. Geen van hen kan nog naar school. “Ik heb de middelen niet om het transport te betalen. Ik weet dat Mostafa verdriet heeft dat hij niet meer naar school kan”, zegt ze nuchter. Mostafa beaamt verlegen: “Ik hou het meest van lezen en Arabisch. Ik wil later dokter worden.”

Zainab Ghazaleh, sociaal werkster voor Handicap International, legt uit dat hij anderen wil helpen nadat hij zelf zoveel pijn heeft gehad de nacht van zijn ongeval. “Waarin wil jij je specialiseren, Mostafa?”, vraagt ze hem. Het antwoord flapt hij er zo uit: “In alles!”